Succes & faalfactoren

Bevorderend voor de verspreiding en implementatie van nieuwe ontmoetingscentra is in de eerste plaats het feit dat het om een laagdrempelig vernieuwend aanbod gaat op de grens van zorg en welzijn. Het ondersteuningsprogramma is zowel in wetenschappelijk onderzoek als in de dagelijkse praktijk effectief gebleken. Van het aantal voorbeeldprojecten dat bestaat zijn de ervaringen bovendien voor een deel op schrift gesteld.Enkele factoren blijken in alle fasen bevorderend te zijn voor succesvolle implementatie:

  • gemotiveerde mensen, zoals trekkers, initiatiefgroep, personeel
  • samenwerking met andere organisaties, rond verwijzingen, afstemmen van zorg, doorplaatsingen, meehelpen uitvoeren van de verschillende programmaonderdelen, zoals de gespreksgroepen en informatieve bijeenkomsten. De samenwerking tussen organisaties blijkt zowel tussen als binnen organisaties relevant, op uitvoerend niveau en op management/directieniveau. Het kan helpen als er al samenwerkingsverbanden in een regio bestaan.
  • actieve p.r.-voering is in alle implementatiefasen uitermate belangrijk in verband met de werving van deelnemers. Een ruime voorbereidingsperiode biedt daartoe alle gelegenheid en vergroot de kans dat bij de opening van het centrum direct al met een relatief grote deelnemersgroep kan worden gestart. Het werkt bevorderend als de p.r. zowel op verwijzers als op de doelgroep zelf wordt gericht.
  • beschikbaarheid van financiële middelen. Voor de financiering van ontmoetingscentra zijn vooral wet- en regelgeving van belang. De ontmoetingscentra bieden ge├»ntegreerde ondersteuning voor mensen met dementie en hun mantelzorgers, op de grens van zorg en welzijn. Ze bieden de AWBZ-functies ‘ondersteunende begeleiding’ en ‘activerende begeleiding’ (zie elders op deze site). Elk ontmoetingscentrum dient de toelating tot deze AWBZ-functies bij het landelijke College voor Zorgverzekeringen te Diemen (tel. 020-7978555) aan te vragen. Ontmoetingscentra die voor deze functies van het zorgkantoor de geëigende vergoeding krijgen, hebben doorgaans geen financiële problemen. Er zijn echter zorgkantoren die een (te) lage vergoeding bieden voor de geboden ondersteuning. In die gevallen is men doorgaans afhankelijk van medefinanciering vanuit welzijnsgelden van de Gemeente en dus van de heersende gemeentepolitiek. In de toekomst zal een deel van het aanbod dat valt onder ondersteunende begeleiding worden overgeheveld naar de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Verwacht wordt dat het aanbod van de ontmoetingscentra echter vanuit de AWBZ vergoed zal blijven, omdat het hier landurige specifieke zorg betreft. Het niet (voldoende) tegemoetkomen aan deze voorwaarden werkt belemmerend op de implementatie.